6 mei 2008


Santa Elena - Reserva Bosque  Nuboso Santa Elena


Gelukkig hoefden we niet verder te slapen toen we wakker werden om 4.45 uur. We missen de brulapen wel. Hier, op nog geen 2 km van ons vorige verblijf, is er geen brulaap meer te horen. Dat komt omdat wij nu net iets meer in de bewoonde wereld zitten als in het vorige verblijf. Wij konden hen daar horen terwijl zij ver in het bos zaten en hun gebrul galmde door het dal.


 Het ontbijt werd hier niet geserveerd, maar daarvoor moesten we naar het dorp, 200 meter van onze lodge. Het bleek bij een plaatselijke bakkerij te zijn. We hebben daar heerlijke pinto (rijst met zwarte bonen) gegeten met gebakken ei, gebakken banaan, taco en tomaat. Het valt ons op dat de meeste vruchten zoals, tomaat, banaan, mango etc. in de supermarkt niet rijp zijn als ze verkocht worden. Mijn verklaring daarvoor is dat alles snel rijpt bij de mensen thuis en dat ze daarom denken laten we het maar een beetje groen verkopen.


Om 11.00 uur zijn we naar het internetcafé gegaan en hebben we onze eerste verslagen verstuurd. Het lukte nog niet eerder omdat er iets mis was met de aansluiting hier. Ik werd er wel wat onrustig door, niemand wist waar we waren, ook de reisorganisatie niet. Op zo’n moment realiseer je je hoe afhankelijk we zijn van de communicatiemiddelen en hoe kostbaar de mensen thuis zijn. Ik was wat teleurgesteld toen bleek dat we onze foto’s niet konden door mailen, verwend kreng dat ik ben.


Daarna zijn we doorgegaan naar het natuurreservaat. Dat lag weer zo’n 7 km onverharde weg de bergen in. Gelukkig is er nog nauwelijks regen gevallen, want we konden ons een voorstelling maken, hoe onbegaanbaar deze weg, bestaande uit stenen met zand, dan zou worden. Eén grote modderbende. Toen we uiteindelijk boven waren aangekomen, na een paar keer de 4 wheel-drive te hebben moeten gebruiken, reden we onder een heel parcours met hangbruggen (1 km) voor een boomkruinenwandeltocht en kabels (1600 meter) voor canopytours. Deze waren wel wat langer, maar ik weet niet of ze daardoor ook leuker waren. Het hele gebeuren leek ons erg commercieel, 60 dollar/ 40 euro voor een tocht door de boomkruinen. Misschien ontzeggen we ons hiermee wat, maar we zagen geen uitdaging om daar met veel mensen overheen te gaan lopen.

Dus we reden door, zoals we van plan waren, naar het reservaat.


Daar konden we kiezen uit een tocht van 1500 meter tot een tocht van 4500 meter. Ik besloot voor de 1500 meter te gaan! Mart is een stuk met me meegelopen, daarna zou hij voor de 4500 meter gaan. We moesten regelmatig traptreden op of stukken pad die omhoog of omlaag gingen. Ondertussen liepen we weer te fluisteren en te genieten van dit nevelwoud met zijn bomen vol mos, varens, bromelia’s, orchideeën. Heel indrukwekkend, geweldig. Ons paludarium lijkt echt een beetje op de natuurlijke habitat van de kikkertjes. We hebben één kikkertje gezien, fantastische kolibries, prachtige vogels en vlinders en een vogelspin (15 cm grote spin). Mart ontdekte hem voor zijn holletje en we hebben er wel 10 minuten naar zitten kijken. Mart liep door en ik bleef nog even. Toen kwamen er 3 Amerikanen aan, luid pratend. Ik besloot ze voor te laten gaan, dat waren de enige mensen die ik tegen kwam. Na een poosje gelopen te hebben hoorde ik naast mij takken kraken. Ik bleef stil staan en langzaam bewoog ik me naar het geluid, weer gekraak, zo’n twee meter naast me achter een boom. Ineens bewoog er weer wat, het was iets groots. Ik wist dat hier gordeldieren, jaguars, brulapen en andere dieren waren.

Ik zag iets bewegen tussen de varens één meter van de grond. Ik wilde dat Mart hier was. Mijn hart klopte in mijn keel. Ineens bewoog het weer, ik keek recht in het gezicht van de Amerikaan die stond te plassen. Hoe vertel ik het Mart, een wilde Amerikaan gezien!


Het bleek dat ik op het hoogste punt, 110 meter hoger dan het begin, was beland. Vanaf dit punt kon ik de vulkaan “Arenal” zien. Ik meende dat hij heel in de verte te zien zou zijn, maar het bleek een grote jongen te zijn, het leek of er een rookpluim bovenuit stak. Geweldig, ik verheug me erop dat we daar over twee dagen naartoe gaan.


Toen ik ongeveer 1 km en 2 uur had gelopen kwam Mart me weer tegemoet. Samen zijn we terug gelopen. Ik snap er niks van, hoe is het mogelijk dat ik hier zulke tochten kan maken?

Wat hebben we het toch fijn, we genieten ons suf.


’s Avonds lagen we om 21.00 uur op bed en beloofden onszelf dat we morgen een rustdag zouden nemen.